Column Jan-Willem Vaartjes - Dentz 5



De resultaten van de pilot in Schiedam, waar zorgverzekeraar DSW ouders van kinderen die de tandarts niet of nauwelijks bezochten aanschreef, waren geweldig. Het sturen van een simpele brief met het verzoek om een afspraak te maken met een tandarts, bleek een daverend succes. Binnen een half jaar had ruim veertig procent van deze kinderen alsnog de tandarts bezocht. Een belangrijk resultaat bovendien, want uit eerdere onderzoeken bleek dat honderdduizenden kinderen de tandarts niet bezoeken. Zo zie je maar, dat met relatief weinig werk en een postzegel veel bereikt kan worden. Ons verzoek om de brief te versturen kon echter op weinig positieve reacties rekenen, terwijl zorgverzekeraars dankzij hun declaratiedata exact kunnen zien om wie het gaat.

Een aantal adviserend tandartsen van de verzekeraars vond het ook een goed idee, maar stuitte intern op bezwaren rond privacy en een gebrek aan motivatie. Op zich vreemd, want zorgverzekeraars zien weinig privacybezwaren als men fraude vermoedt of controles uitvoert. In die gevallen wordt specifieke informatie opgevraagd en worden zelfs patiëntendossiers ingezien. Als het mechanisme de ene kant op werkt, waarom zou het dan ook niet de andere kant op mogen werken? Zeker gezien het maatschappelijke belang en de uiterst geringe inbreuk op privacy. Het is geen openbare brief en de informatie is automatisch te genereren.

Het succes van de actie van DSW was voor ons reden voor een persbericht. De boodschap over het bestaan van kinderen die niet de zorg ontvangen waar ze recht op hebben, terwijl er een eenvoudige oplossing is om hen in beeld brengen, had veel potentie. De publiciteit op die vrijdag in september overtrof echter al onze verwachtingen en leidde zelfs tot vragen aan minister Bruins in het RTL-Nieuws. De reactie van de zorgverzekeraars die dag was niet anders dan voorheen; ‘de AVG staat ons in de weg’. De reactie van de minister was daarmee overeenkomstig en hij vroeg zich bovendien af of we dit wel zouden moeten willen. Wat dat betreft is het goed om te weten dat wanneer privacy in de weg zit, de minister de wet ook kan veranderen. Op het gebied van fraude is dit al vaker gebeurd en momenteel ligt er nog een omstreden wetsontwerp bij de Eerste Kamer om beperkingen die zorgverzekeraars vanwege privacy ervaren, verder te minimaliseren.

Het nieuws was de Autoriteit Persoonsgegevens niet ontgaan en op vragen van journalisten meldden zij - nota bene op zondag - dat verzekeraars hun cliënten best een dergelijke brief mogen sturen. Na alle eerdere reacties zou je verwachten dat er dan snel actie zou komen. Maar toen kwam in het Nederlandse zorglandschap de gewone reflex boven om alles zo ingewikkeld te maken dat je bij voorbaat weet dat het gedoemd is te mislukken.

Zorgverzekeraars noemen ondanks de uitspraak van de Autoriteit Persoonsgegevens privacy nog steeds een probleem, geven liever de voorkeur aan een ‘multimediale aanpak met animaties en flyers’ en zien graag ook iedereen betrokken, zoals consultatiebureaus en tandprothetici. Anderen doen suggesties voor Centra voor Jeugd en Gezin en poetslessen op scholen, of zien het liefst elke jeugdige gehaald en gebracht worden met een taxi. Allemaal zaken die mogelijk kunnen bijdragen, maar de essentie dat we met één brief bijna de helft van het probleem al kunnen aanpakken wordt effectief weg ‘gefilibusterd’. Eindeloze praatgroepen met allerlei partijen en voldoende problemen op tafel om weer jaren niks te veranderen.

Zijn we daar verbaasd over? Helaas niet. Zie ook het tandartstekort dat we al vele jaren aan de kaak stellen. Ondanks 4 adviezen in de afgelopen 9 jaar om meer tandartsen op te leiden, kwam tijdens Prinsjesdag het nieuws dat alleen als het onafhankelijke Capaciteitsorgaan adviseert om het aantal opleidingsplaatsen voor geneeskunde te beperken, er ruimte zal zijn om het aantal opleidingsplaatsen voor tandheelkunde uit te breiden.
Begrijpt u het nog?