De open inrichting van de mondzorg

Door Wilfred Kniese


Het tarievenbesluit ligt op uw deurmat. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) heeft bijtijds de duidelijkheid geschapen die nodig is om uw bedrijfsvoering in 2015 goed te kunnen bepalen. De ANT heeft als geen ander hierop aangedrongen en is de NZa erkentelijk geluisterd te hebben naar onze oproep tot voortvarendheid. Nu het zover is, doen we een kleine stap terug voor reflectie en advies. In de afgelopen maanden is er, mede door het rapport Borstlap, aandacht gevraagd voor de te grote werkdruk bij de NZa. Deze organisatie is zwaar overbelast. Maar net als in de mondzorg mag de capaciteit niet met binnenlandse middelen worden uitgebreid. Niettemin neemt de hoeveelheid maatregelen en wensen vanuit Den Haag gestaag toe, net zoals de weerstand daartegen vanuit het zorgveld.

Overbelasting?

Laten we dicht bij huis blijven met het zojuist afgesloten kostenonderzoek. Een kleine duizend mondzorgverleners zijn aangeschreven. Die hebben elk minstens twintig uur onbetaalde tijd besteed aan het onderzoek. Dat zijn al twintigduizend man- en vrouwuren. Tel daarbij op de (dik geschreven) uren van alle adviseurs. Ook bij de NZa en de brancheorganisaties is voltijds aan dit onderzoek gewerkt (op kosten van de belastingbetaler of de leden). En Deloitte heeft miljoenen geschreven. En waar heeft al deze inspanning toe geleid? Waar hebben al deze kosten toe geleid? De simpele mededeling dat de tarieven vijf procent omlaag kunnen. Een resultaat dat wij al anderhalf jaar geleden hadden uitgerekend op de achterkant van een enveloppe, om het zo maar te zeggen. Baart de olifant een muis? Of heeft de muis een olifant gebaard? Het is in ieder geval al maandenlang opvallend stil rond de NZa. Doelmatigheid is van de baan, maar de efficiency kan nog aanzienlijk verbeterd worden. Pragmatisme alstublieft.

Groots succes

Rob, de scheidende voorzitter van de grootste brancheorganisatie, heeft met een meesterlijk gevoel voor timing zijn ambtsperiode afgesloten met een prachtig cadeau van zijn jubilerende vereniging aan de Nederlandse samenleving: een fraaie korting in 2015 op alle verrichtingen. Nederlanders zijn dol op dit soort acties. Of het nou gaat om het plakken van zegels, het verzamelen van airmiles of het bestuderen van vergelijkingssites. Het gaat dus stormlopen op de praktijken. Ik voorspel nu al dat per 1 januari 2016 deze actie wegens groot succes geprolongeerd gaat worden. Zijn opvolger Aad van der Helm gaat de credits ontvangen. 'Helm' betekent in het Engels 'het roer'. En het worden gegarandeerd roerige tijden. We heten Aad dus welkom en wensen hem de nodige wijsheid.

Capaciteitstekort

Maar dit aangekondigde succes gaat ook tot problemen leiden waar de politiek, die de kortingsactie ongetwijfeld toejuicht, geen rekening mee heeft gehouden. Want met de massale vraagtoename naar mondzorg gaat de capaciteit van de mondzorg uit haar voegen barsten. Nu al is er een tekort aan tandartsen (en mondhygiënisten) en wordt een beroep gedaan op buitenlandse tandartsen om zich in Nederland te vestigen. En de door ons voorgestelde taaltoets is absoluut niet bedoeld om deze toestroom in te binden. Taal heeft louter met veiligheid en kwaliteit te maken. VWS denkt al minstens vijftien jaar de capaciteitsproblemen het hoofd te kunnen bieden door een beroep te doen op de Florence Nightingale’s van de mondzorg. Destijds was er maar één nachtegaal en vandaag de dag zijn er nog steeds te weinig. Helaas is voor VWS maar één thema relevant en dat is de inrichting van de mondzorg. En of dat een open of een gesloten inrichting wordt, maakt in principe niet uit. Als Florence maar degene is die de patiënten in de inrichting mag verzorgen. Gebrek aan visie en kortzichtige fixatie op een idée fixe kan van de nachtegaal een nachtmerrie maken. En dus blijft de ANT vigilant. Ook in 2015.

Door Wilfred Kniese
Wilfred Kniese is ANT-bestuurslid (vice-voorzitter en penningmeester).