Het meerkoppige monster

Door Ravin Raktoe


Wie dacht dat met het verdwijnen van de vrije tarieven rustiger tijden voor de tandarts zouden wederkeren, heeft het jammerlijk mis gehad. De ziektekostenverzekeraar heeft een beroepsgroep in paniekmodus gezien en het lijkt erop dat dat bij de coöperaties-zonderwinstoogmerk een hormonale reactie teweeg heeft gebracht. Net als in het wild: een kudde vredige grazers wordt omcirkeld door een troep hongerige hyena’s.

Elke kop zijn eigen taak

Het is al eens eerder opgemerkt dat het in werkelijkheid geen troep roofdieren maar een meerkoppig monster is waar onze beroepsgroep mee te maken heeft. Alle koppen spreken los van elkaar, maar gaan graag met elkaar op reis, verliezen elkaars belangen nooit uit het oog en delen bovendien dezelfde broek- en vestzak. De grootste kop bepaalt hoeveel tandartsen er elk jaar bij mogen komen. Dat de beroepsgroep al jaren schreeuwt dat dit er te weinig zijn en dat dit met name bij kwetsbare groepen tot problemen gaat leiden, deert niet. Nu een capaciteitsprobleem creëren, schept later namelijk mogelijkheden voor een andere kop. Regeren is vooruitzien. En de beroepsgroep? Die past zich aan en delegeert taken. De meest autoritaire kop doet het rekenwerk of trekt in elk geval conclusies uit de uitkomsten. Uit een onderzoek waarin data zijn gebruikt die stellen dat een wortelkanaalbehandeling in de regel zonder verdoving wordt uitgevoerd, blijkt dat de tandarts te veel verdient. Het tarief kan dus omlaag. Bovendien is er sprake van een bepaalde mate van taakdelegatie, dus kan het tarief best nóg iets verder omlaag. De sluwste kop zit met z’n neus tussen de tandarts en de patiënt. Vrijwel elke betaling die de patiënt doet voor de werkzaamheden van de tandarts gaat langs deze kop. Af en toe, als niemand kijkt, snuift hij wat op en zo rinkelen er aan het eind van het jaar heel wat eurootjes in zijn luchtwegen. Daaromheen kronkelen nog wat kleinere kopjes, die op commando van een van de drie grotere tot van alles in staat zijn. Kortom, een heel efficiënt apparaat. Als de koppen de koppen bij elkaar steken, gebeuren er grootse dingen. De sluwe vertelt de grote waar de mondzorg tekortschiet, de grote rekent de tandarts erop af en laat het breed uitmeten in de pers. Als de patiënt het leest, schrikt hij ervan en is hij toch eigenlijk wel blij dat dat weinig knappe monster zich zo met hem bemoeit.

De strijd is los

Ik denk dat onze beroepsgroep beter moet gaan beseffen waar de kracht ligt. In de behandelkamer, hoor ik u denken, in de relatie met de patiënt. Tot op zekere hoogte is dat natuurlijk zo. Maar steeds belangrijker wordt naar mijn mening de alliantie met elkaar, als tandartsen. We moeten naar een situatie toe waarin we niet wachten en hopen op rustige tijden, maar één waarin we het meerkoppige monster met een vrolijke glimlach kunnen aankijken terwijl we nonchalant op een honkbalknuppel leunen. Die situatie bereiken we door op verscheidene vlakken grenzen te stellen. Grenzen aan zowel taakdelegatie als -herschikking, aan de kwaliteitsval van tandartsverzekeringen, aan handel die zich verrijkt aan het contact tussen tandarts en patiënt, aan bureaucratisering, maar ook grenzen aan disloyaliteit binnen het tandheelkundig team. De ANT gaat deze uitdaging met volle overgave aan en ik ben er trots op mee te mogen strijden.

Dentz 4 2015

Door Ravin Raktoe
ANT-Secretaris Ravin Raktoe Raktoe is tandarts in Arnhem. Al voordat hij tot het ANT-bestuur toetrad, organiseerde hij diverse activiteiten voor tandartsen, zoals twee drukbezochte debatten over de kwaliteit van de mondzorg. Ook is hij bedenker en presentator van de dentale talkshow ‘Los in de mond’.