Samenzweerders in Taakverschrikking

Door Wilfred Kniese


Ik introduceer vandaag de SMK, de Samenwerkende Mondzorgkoepels bestaande uit ONT, NVM en NVIJ. Een club dus waarin  de MBO- en HBO-geschoolde mondzorgverleners zijn ondergebracht o.l.v. de  - meer commercieel ingestelde - tandartsen voor jeugdzorg, verenigd in de NVIJ ( NV Instellingen voor Jeugdtandzorg). U kent al de Calimero's van de ONT en de Nachtegalen van de NVM. Tijd om de jeugdzorg te introduceren. Dit segment van de mondzorg kenmerkt zich door het fenomeen van de schoolbus en van de haal-en brengservice met personenbusjes. We stuiten hier dus op de Uber van de mondzorg, bemand door de Ubermensen. Wat deze drie partijen gemeen hebben is dat ze alle drie tegen domein denken zijn en de tandarts beschuldigen van machtswellust en geldwolverij. En de beste manier om dat af te straffen is door taakverschrikking. Het gerucht gaat dat daarom de naam SMK gaat worden omgedoopt  in Samenzwerende Mondzorgkoepels en de doelstellingen kunnen we lezen in een heus beleidsplan. Jarenlange ervaring leert echter dat degenen die het hardst over anderen roepen dat die aan domein denken doen er alleen maar zelf op uit zijn om een afgeschermd domein te creëren met als Leitmotiv meer macht en vooral meer geld. Een analyse.

De Ideeënbus van de jeugdzorg

De jeugdmondzorg kan uiterst lucratief zijn. Gedekt door de basisverzekering met onuitputtelijke preventieve middelen. Gelukkig lezen we wel dat JTV Mondzorgvoorkids een stichting zonder winstoogmerk is. De "winst" na aftrek van de "kosten voor de bedrijfsvoering" wordt besteed aan een "verbetering" van de mondzorg. Dat onder de stichting de holding hangt met daaronder de werkmaatschappijen is dan een detail. En dat het hele zaakje niet zo  lang geleden door een venture capitalist is overgenomen nog minder. Dat is durfkapitaal met een hoofdletter D want je moet het maar durven om te investeren in mondzorg zonder winstoogmerk. Maar waarom is de NVIJ voor taakverschrikking? Het zou  natuurlijk prachtig zijn voor het verdienmodel als de bus uitsluitend bemand kon worden door lager geschoolde dus goedkopere mondhygiënisten. Dan hoeft de Ubermens alleen nog achter het stuur plaats te nemen en de gelden te collecteren. Prachtig zo'n collectebus.

De jeugdzorg heeft echter een groot probleem. De bussen en de haal-en brengservice zijn peperduur en de zorgverzekeraars willen er zo snel mogelijk van af. Dat is dus een groot gevaar voor dit lucratieve verdienmodel. Daar heeft de jeugdtandzorg het volgende op gevonden. Een bus is immers multifunctioneel inzetbaar.  Als de kwetsbare oudjes niet naar de praktijk kunnen komen dan komt de praktijk wel naar de oudjes. En daar is een bus voor nodig, en dat kan mooi dezelfde bus zijn. Dus heeft JTV Mondzorgvoorkids snel een Stichting Ouderenzorg opgericht om een graantje mee te pikken van de ouderen-misère. De schoolbus blijkt zomaar een ideeënbus te zijn geworden.  En inderdaad, de bus van de Stichting Jeugdtandzorg is ook meteen een collectebus geworden. Tijdens de eerste bijeenkomst van de werkgroep Mondzorg Kwetsbare Ouderen was het meteen raak en werd onder het motto "de jeugdtandzorg niet vergeten"  meteen een verzoek voor subsidie ingediend. Helaas  trapt VWS nooit in een plan dat geld kost.

Een mond, twee oren

De Lieve Heer heeft de mens een mond en twee oren gegeven. Daarmee heeft de Schepper tot uitdrukking willen brengen dat de mond een geïntegreerd en ondeelbaar domein binnen het menselijk lichaam is en dat tandarts Adam de controle heeft over de mond en dat mondhygiëniste Eva uit diens rib ontstaan is om hem te dienen en bij te staan. Immers, wordt de man niet omschreven als het hoofd van de vrouw en per implicatie de tandarts als het hoofd van de mondhygiënist. Echter de slang van VWS doet er alles aan om deze paradijselijke toestand te verstoren en de mondzorg met gespleten tong tot het Nederlandse volk te laten spreken. Het gevolg zal zijn dat de twee samen ten val gaan komen. Zonde. Maar de Schepper heeft met een mond en twee oren ook de boodschap meegegeven dat we twee keer zo veel moeten luisteren dan dat we spreken, iets  wat de SMK nog niet goed heeft begrepen. En tot slot zijn  die twee oren heel praktisch omdat de onzin die we keer op keer moeten aanhoren over het domein denken het ene oor in en er even makkelijk via het andere oor weer uit kan gaan.  De natuurlijke orde der dingen openbaart maar mooi de waarheid. Alleen bij de politiek zitten kennelijk beide oren verstopt.

Waar zit de samenzwering? De ONT wil dolgraag HBO-status krijgen voor haar leden, mede om het norminkomen wat op te poetsen en zich beter te kunnen meten met de domeindenkende implantologen. Die haakt dus aan bij de NVM om gezellig samen richting artikel 3 op te stomen. De NVM is vooral gefrustreerd door het 50 jaar knechtend juk van de tandartsen en uit op emancipatie en erkenning. Zij zijn volledig verblind door de appel die de slang van VWS hen voorhoudt. En de jeugdtandzorg denkt garen te spinnen bij loslopende mondhygiënisten. Een mooie serie nobele motieven die natuurlijk niets met kwaliteit, doelmatigheid of capaciteit van doen hebben. Opportunistisch domein denken waar VWS handig op inspeelt. Zoals eerder geschreven: VWS heeft een beleidsvisioen en taakverschrikking is het collectieve wapen. En wie denkt er nog aan het belang van de patiënten? Inderdaad, de weldenkende tandartsen.

De ONT ziet ze vliegen

Marnix, directeur van de ONT ( de club voor Oudere Nederlandse Tandelozen) en daarmee van de Calimero's in de mondzorg, heeft ook een heus visioen gehad. In zijn auto, op weg van A naar Beter, de handen Ineen gevouwen op het stuurwiel, vloog een dinosaurus rakelings langs zijn voorbumper. Marnix meende hierin direct de KNMT te moeten herkennen, de dinosaurus van de mondzorg, de domein beschermende mastodont, slechts belust op geld en macht.  Hulp is geboden. Het hebben van een visioen is een ding, het correct duiden (de technische term voor interpretatie) een geheel ander. Gelukkig ben ik dankzij mijn onlangs succesvol afgesloten wijnstudie nu een gediplomeerd visi-oenoloog. En wat ik zie dat hem is overkomen heeft een dubbele symboliek. Ik duid: "Gezeten aan het stuur van zijn auto".  Een auto is in principe een comfortabel vervoersmiddel waar makkelijk een geheel mondzorgteam in past: de tandarts, de mondhygiënist, de preventie assistent, de tandprotheticus en de baliemedewerkster. Dit team zit gezellig onder een dak. De auto brengt het team en daarmee de patiënt van A naar Beter. Maar de auto heeft wel een bestuurder nodig. Iemand die de verkeersegels kent, de stuurtechniek beheerst, de situatie en de gevaren kan inschatten, ingrijpt waar dat nodig is en die de eindverantwoordelijkheid draagt  om het team veilig naar het doel te loodsen en daar ook aansprakelijk voor wordt gehouden. En die  bestuurder is, geheel conform Linschoten, de tandarts. Wat Marnix dus zag maar zich niet realiseerde was de regierol van de tandarts in de mondzorg en het belang van het hebben van MOED, Mondzorg Onder Een Dak. En nu de dinosaurus. Ik geef toe dat de KNMT 100 jaar oud is en dat de helft van het nieuwe bestuur de leeftijdsgrens voor beginnende wijsheid heeft bereikt. Maar om ze dan meteen voor dinosaurus uit te maken .....En dit is de dieperliggende betekenis: de tandprothetici vormen in toenemende mate zelf een groep dinosaurussen, een met uitsterving bedreigde soort die door de toeslaande digitalisering weldra in deze vorm van de aardbodem zal verdwijnen. Een waarschuwing om dus bijtijds de bakens te verzetten. Zo zien we maar: iedereen kan visioenen hebben, maar met de interpretatie moet voorzichtig en vooral deskundig worden omgegaan.

Door Wilfred Kniese
Wilfred Kniese is ANT-bestuurslid (vice-voorzitter en penningmeester).