Nieuwe regels jaarverantwoording onbetaalbaar en onuitvoerbaar

De nieuwe regels voor de openbare jaarverantwoording zijn onuitvoerbaar en kosten tandartsen en andere eerstelijns zorgverleners minstens 100 miljoen euro. Dat is onaanvaardbaar voor de ANT en haar eerstelijns-coalitiepartners, die willen dat de ministeriële regeling terug naar de tekentafel gaat.

De eerstelijnscoalitie, bestaande uit de ANT, LHV, KNOV, KNMP, KNGF, KNMT, ONT, LVVP, InEen, NVvP, NVM-mondhygiënisten en de ONT, maakt zich grote zorgen over de impact van de nieuwe ‘Regeling jaarverantwoording WMG’.

Kleinschalige eerstelijnszorgaanbieders worden namelijk geconfronteerd met een onacceptabele lastenverzwaring, zowel administratief als financieel.

Zo hebben accountants berekend dat alleen al de accountantscontrole, slechts één van de nieuwe verplichtingen onder de regeling, de eerstelijnszorg jaarlijks 100 miljoen euro zal kosten. 

Daarnaast moet er ook een jaarrekening volgens een voorgeschreven model worden gemaakt, jaarlijks een vragenlijst over de financiële bedrijfsvoering worden ingevuld en een bestuursverslag worden opgesteld. 

Wet stelt disproportionele eisen
De nieuwe eisen vloeien voort uit bredere wetgeving gericht op het bestrijden van fraude en versterken van het toezicht in de zorg. In de eerder aangenomen Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza) zijn meer verplichtingen opgenomen, zoals een meldplicht, vergunningsplicht en eisen aan de bestuursstructuur. De regeling omtrent de openbare jaarverantwoording is een uitwerking van enkele wijzigingen die met deze wet samen hangen. 

Binnen de eerstelijnszorg komt fraude echter nauwelijks voor, terwijl de impact van de regeling groot is. Het is dan ook disproportioneel om een hele sector aanvullende informatie te laten verstrekken met het oog op fraudebestrijding, terwijl uit onderzoek blijkt dat fraude bij kleinschalige eerstelijns zorgaanbieders nauwelijks voorkomt.

Daarnaast blijkt het ook onuitvoerbaar voor zorgverleners én accountants. Accountants kunnen op basis van de nu gestelde verplichtingen namelijk geen goedkeurende verklaring afgeven, omdat binnen de eerstelijnszorg de noodzakelijke organisatiestructuur, met scheiding van functies, ontbreekt.

Administratieve last gaat ten koste van tijd voor patiënt
Dit raakt ook gelijk aan het overkoepelende bezwaar dat de eerstelijnscoalitie heeft aangedragen. Deze wetgeving is opgesteld met grote zorginstellingen in gedachten. Kleinschalige eerstelijns zorgaanbieders zijn echter heel anders georganiseerd. De zorgverlener, zoals een tandarts, is zelf ook de praktijkhouder. Een managementlaag of administratie die deze lasten op kan pakken ontbreekt. Elke nieuwe administratieve last gaat dus rechtstreeks ten koste van patiëntentijd.

De afgelopen jaren hebben de lasten zich opgestapeld en het ministerie lijkt zich onvoldoende bewust van de impact die dit heeft op kleinschalige zorgaanbieders. Daarom pleit de eerstelijnscoalitie ervoor om de huidige regeling te schrappen en samen met de eerste lijn een nieuwe regeling te ontwerpen, die zowel toeziet op een juiste besteding van publiek geld als de impact zoveel mogelijk beperkt. 

Naast een reactie op de internetconsultatie die de partijen nu ingediend hebben heeft de eerstelijnscoalitie een brief gestuurd naar de Regiegroep (Ont)Regel de Zorg, worden Tweede Kamerleden benaderd en sturen wij aan op bestuurlijk overleg met het ministerie van VWS.

Lees ook in dagblad Trouw: Nieuwe wet voor huisarts, tandarts en fysiotherapeut 'niet uitvoerbaar' en 'onbetaalbaar'