Staatssecretaris van Rijn reageert op klacht over niet Nederlandstalige tandarts

Staatssecretaris van Rijn reageert middels een brief aan de Tweede Kamer op de klacht die hij heeft ontvangen van een patiënt. De patiënt meldt dat de behandelende tandarts en diens assistent slecht Nederlands spreken. Ook werd er onderling tussen tandarts en assistent in gebrekkig Engels gecommuniceerd.

Van Rijn wijst er op dat “Volgens de Wkkgz zorgaanbieders, die in de Nederlandse gezondheidszorg werkzaam zijn, voldoende de Nederlandse taal moeten beheersen om met patiënten en collega’s te kunnen communiceren. Deze zorgplicht geldt voor alle zorgaanbieders, die in Nederland werkzaam zijn, ongeacht of de zorgverlener een Nederlands dan wel een buitenlands diploma heeft.”

Hij voegt hier aan toe dat “Voor beroepen op grond van de Wet BIG sinds 1 januari 2017 geldt dat inschrijving in één van de registers, geweigerd wordt indien de aanvrager de Nederlandse taal niet voldoende beheerst om zijn beroep in Nederland uit te kunnen oefenen. Dit betekent dat een ieder, zowel Nederlandse als buitenlandse gediplomeerden, aan moet tonen de Nederlandse taal voldoende te beheersen.”

Van Rijn heeft de patiënt die de klacht heeft ingediend geadviseerd om de kwestie te melden bij het Meldpunt Zorg (onderdeel van de IGZ).

De ANT is blij met de brief van de staatssecretaris aan de Tweede Kamer, al in 2014 pleitte de ANT voor een verplichte taaltoets voor buitenlandse tandartsen.

Staatssecretaris van Rijn reageert op klacht over niet Nederlandstalige tandarts