Stichting KiMo en taakherschikking

Taalherschikking is een thema dat op meerdere terreinen de kop op steekt, bijvoorbeeld bij het thema richtlijnen en het richtlijneninstituut.

Zo hebben we in een eerder artikel onze zorgen geuit over het risico dat de huidige stichting KiMo een taakherschikkingsmachine dreigt te worden, die de positie en de autoriteit van de tandarts kan gaan uithollen. Op zich zouden wetenschappelijke richtlijnen niets met taakherschikking te maken moeten hebben. Een richtlijn brengt objectief voor alle relevante zorgverleners in kaart wat de meest aangewezen behandelmethode is. De realiteit is dat er voor veel richtlijnen onvoldoende wetenschappelijk bewijs zal bestaan waardoor het in feite een beschrijving zal gaan worden van een best practice. Daardoor is het naïef om te denken dat richtlijnen gaan voortkomen uit waardevrije wetenschap en dat de politiek zich er niet mee zal bemoeien. Integendeel, juist het gebrek aan evidence kan straks de deur wagenwijd openzetten voor deze bemoeienis. En dan gaan heel andere factoren een rol spelen bij de vaststelling van richtlijnen waaronder belangen van politiek en zorgverzekeraars. Als wij er niet voor waken kunnen de richtlijnen als politiek instrument tegen de beroepsgroep ingezet worden. Twee recente ontwikkelingen bevestigen dit vermoeden en moeten een wake-up call voor de sector zijn. 

Zorginstituut tegen klikprothese
Het beste voorbeeld is de wijze waarop het Zorginstituut (ZiN) is omgegaan met de door de NVOI/NVMKA-opgestelde richtlijnen overkappingsprothese op implantaten (het klikgebit). De door de NVOI/NVMKA aangereikte informatie is selectief en opportunistisch door het ZiN gebruikt om een verzekeringstechnische indicatie op te stellen die duidelijk in het nadeel van de patiënt is en alleen blijkt te zijn ingegeven door kostenoverwegingen. Wij hadden vanuit KiMo een krachtig protest mogen verwachten op deze indicatie maar KiMo zwijgt in alle talen. Dit helpt ons niet de twijfel weg te nemen of KiMo wel voldoende onafhankelijk opereert en niet teveel de oren laat hangen naar de wensen van de overheid. Het is teleurstellend dat de wetenschappelijke verenigingen, die feitelijk niets bij KiMo te zeggen hebben - het is immers een stichting - dit lijdzaam toestaan.

Zorginstituut gaat doorzettingsmacht gebruiken bij verloskunde
ZiN heeft aangekondigd doorzettingsmacht te gaan gebruiken rond de richtlijn Integrale Geboortezorg. Partijen zijn er niet op tijd uitgekomen en dan neemt de overheid de regie over, met alle gevolgen van dien. Een typisch voorbeeld van een Hbo-opgeleide beroepsgroep die de eigen belangen verdedigt tegenover een voorgestelde stelselwijziging met een grotere rol voor de arts. Het Nederlandse verloskundige systeem met de thuisbevalling en de zelfstandige rol van de Hbo-opgeleide verloskundige is uniek in de wereld. Kostenbesparing is daarbij ongetwijfeld de enige drijfveer geweest. "Verloskundigen vinden zichzelf de aangewezen persoon om de risicoselectie te doen en het is een zuiniger manier om zorg te leveren" horen we bij de belangenvereniging KNOV. De prijs die we als Nederlanders hiervoor kennelijk bereid zijn te betalen is een perinatale sterfte die in de top van de Europese statistieken ligt. NVM-mondhygiënisten gebruiken identieke argumenten in de lobby voor taakherschikking in de mondzorg: "we moeten de patiënt centraal stellen, het wordt goedkoper, tandartsen denken alleen maar in domeinen en eigenbelang etc." Koren op de molen van de minister die op zoek is naar verdere kostenbesparingen in de mondzorg. De minister wil inderdaad met vergaande taakherschikking binnen de mondzorg een tweede Europese uitzondering creëren. Deze taakherschikking moet de opmaat zijn om van mondhygiënisten de eerste lijn in de mondzorg te maken waar de diagnose wordt gesteld, de risicoselectie wordt gemaakt en waar wordt bepaald wie een tandarts mag gaan zien.

Mondzorg in de uitverkoop?
Willen wij dat de Nederlandse mondzorg internationaal afgaat als een gieter? De ANT is niet tegen taakherschikking als zodanig maar wel tegen taakherschikking "omwille" van de taakherschikking. D.w.z. tegen taakherschikking vanuit politieke motieven. De ANT staat op het standpunt dat de tandarts te allen tijden een coördinerende rol heeft en daarmee de eindverantwoordelijke is voor de mondgezondheid van de patiënt. De politiek en het Zorginstituut hebben spelregels opgesteld waaraan richtlijnen moeten voldoen. De NVPM voldoet volledig aan deze spelregels. Stemrecht voor alle mondzorgverleners is geen onderdeel van deze spelregels. Daarom ook dat stemrecht niets van doen heeft met de inhoud en de kwaliteit van de richtlijnen. Maar stemrecht gaat wel over de coördinerende rol en over de eindverantwoordelijkheid in de mondzorg en vormt daarmee de essentie van het debat over taakherschikking. De NVPM is bewust opgericht als vereniging van en voor tandartsen. We kunnen ons dan ook moeilijk voorstellen dat de wetenschappelijke verenigingen met hun achterban van overwegend tandartsen hier heel anders over zouden denken. Daarom zegt de ANT: houd de zaak zuiver en gescheiden. Richtlijnen maak je samen, stemrecht is voorbehouden aan de tandartsen. Houd daarmee de controle over uw eigen toekomst!