1 januari 2020: belangrijke wijzigingen in de WGBO voor tandartsen

De Wet op de Geneeskundige behandelingsovereenkomst, de WGBO, wordt vanaf 1 januari 2020 gewijzigd. In dit artikel staat de ANT stil bij de drie voor tandartsen belangrijkste wijzigingen.

I)          Wijziging van de bewaartermijn voor medische dossiers: van 15 naar 20 jaar
De wet bepaalt op dit moment dat de bewaartermijn voor medische gegevens 15 jaar is. Deze termijn gaat lopen op het moment dat de gegevens in het dossier worden opgenomen. Dit betekent dus dat er in een dossier verschillende bewaartermijnen lopen.

Met ingang van 1 januari 2020 verandert deze situatie. De bewaartermijn voor medische gegevens wordt verlengd naar 20 jaar. De bewaartermijn gaat lopen op de datum dat de laatste wijziging in het dossier heeft plaatsgevonden. Voor alle gegevens in het dossier geldt dus vanaf dat moment dezelfde bewaartermijn. Na deze 20 jaar moet het dossier in beginsel vernietigd worden tenzij langere bewaring op grond van goed hulpverlenerschap noodzakelijk is.

Er geldt geen overgangstermijn. De nieuwe regeling heeft dus direct werking hetgeen betekent dat het mogelijk is dat gegevens die al 15 jaar werden bewaard, maar nog geen 20 jaar, al vernietigd zijn. De hulpverlener kan hier dan niet op worden aangesproken.

II)         Inzagerecht voor nabestaanden
Het beroepsgeheim houdt niet op te bestaan na het overlijden van een patiënt. Uit de huidige wet vloeit voort dat nabestaanden alleen recht op inzage in het medisch dossier hebben indien de patiënt daartoe, bij leven, toestemming heeft gegeven. Per 1 januari 2020 hebben nabestaanden volgens de nieuwe wet in de volgende situaties recht op inzage in het medisch dossier:

1) de overleden patiënt heeft hiervoor bij leven schriftelijk of elektronisch toestemming gegeven;
2) als de nabestaande op grond van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (‘Wkkgz’) een mededeling van de zorgaanbieder ontvangt dat een incident heeft plaatsgevonden;
3) de overleden patiënt is jonger dan 16 jaar;
4) de nabestaande heeft een zwaarwegend belang bij inzage, er zijn voldoende concrete aanwijzingen dat dit belang wordt geschaad en inzage is noodzakelijk voor de behartiging van dit zwaarwegend belang

Degene die een beroep doet op het bestaan van een zwaarwegend belang moet met voldoende concrete aanwijzingen aannemelijk maken dat dit belang mogelijk wordt geschaad en hij/zij moet aannemelijk maken dat de inzage noodzakelijk is voor de behartiging van dit belang.

III)        Shared decision making
Met ingang van 1 januari 2020 wordt het principe van “Informed Consent” gewijzigd naar “Shared Decision Making”. Dit betekent dat niet langer het advies van de zorgverlener leidend is maar dat er gekomen moet worden tot een situatie waarbij er voortdurend overleg tussen patiënt en hulpverlener plaatsvindt. De wensen van de patiënt nemen in deze nieuwe situatie een grotere rol in. De hulpverlener moet niet langer alleen informatie verstrekken maar moet ook actief informatie bij de patiënt inwinnen. Aan de informatieplicht van de hulpverlener worden de volgende verplichtingen toegevoegd;

  • Overleg moet tijdig plaatsvinden;
  • De patiënt moet informatie krijgen over de mogelijkheid, gevolgen en risico’s indien er niet behandeld wordt;
  • De patiënt moet geïnformeerd worden over verschillende mogelijke onderzoeken en behandelingen. Dit betekent dat ook geïnformeerd moet worden over de mogelijkheid van behandeling bij andere hulpverleners/zorgaanbieders;
  • De hulpverlener moet aangeven op welke termijn behandeling kan plaatsvinden en hoe lang de behandeling duurt;
  • De hulpverlener moet weten wat de persoonlijke situatie van de patiënt is en wat zijn behoeften zijn
  • De patiënt wordt actief uitgenodigd om vragen te stellen.

Het principe van “Shared Decision Making” is al regelmatig tot uiting gekomen in uitspraken van de Regionale Tuchtcolleges voor de Gezondheidszorg. Zo ook in een recente uitspraak van het RTG te Groningen d.d. 20 augustus 2019. In deze uitspraak wordt de arts tuchtrechtelijk verweten dat hij heeft nagelaten om de zorgelijke situatie van klaagster met haar te bespreken en dat hij heeft nagelaten om samen met klaagster (shared decision making) te besluiten wat te doen. Samen met andere verwijten levert dit de arts een berisping op.

Conclusie
Met vragen over de wijzigingen in de WGBO kunt u, zoals u gewend bent, terecht bij de ANT.