Hepatitis B

10-10-2018

IGJ heeft laten weten te gaan controleren op hepatitis B binnen mondzorgpraktijken. Hepatitis B is een infectieziekte met een hoog besmettingsrisico. IGJ heeft de een toetsingskader opgesteld voor de inspectie.

De besmettelijke ziekte wordt veroorzaakt door een virus en kan een ontsteking aan de lever veroorzaken. Bij een deel van de patiënten gaat deze over in een chronische infectie.

Meldingsplicht infectieziektes
Voor hepatitis B geldt een meldingsplicht bij het RIVM. Een mogelijke wettelijke maatregel voor het niet melden van deze infectie is een verbod op uw beroepsuitoefening. Meld het daarom altijd als u drager bent van deze (of andere) infectieziekten. Bekijk hier de lijst met infectieziektes die een meldingsplicht hebben. 

Symptomen  acute hepatitis B
Moeheid, gebrekkige eetlust, spier- en gewrichtspijnen, koorts (grieperig gevoel), geelzucht (verkleuren van huid, oogwit, ontlasting en urine) en soms jeuk.

De meeste mensen krijgen echter helemaal geen ziekteverschijnselen. Van alle volwassenen geneest 90 tot 95% volledig van acute hepatitis B. Deze mensen zijn vervolgens immuun voor een nieuwe besmetting met het hepatitis B-virus en ook niet meer besmettelijk voor anderen. Slechts bij hoge uitzondering geeft de ziekte in de acute fase aanleiding tot levensbedreigende complicaties.

Symptomen chronische hepatitis B
Bij 5 tot 10% van de mensen die besmet zijn geraakt, geneest hepatitis B niet vanzelf. Bij pasgeborenen en kleine kinderen is dit 90%. Er ontstaat dan een chronische infectie. Door een chronische actieve hepatitis B-infectie kan na 10-20 jaar verlittekening van de lever ontstaan, levercirrose en leverfibrose. Mensen met chronische actieve hepatitis B kunnen op den duur ook leverkanker krijgen, waardoor mensen kunnen overlijden.

Bij chronische inactieve hepatitis B blijft het virus, zonder klachten te veroorzaken, sluimerend aanwezig. Chronische inactieve hepatitis B heeft op de lange duur meestal weinig gevolgen. Het is wel mogelijk dat chronische hepatitis B in de loop van vele jaren de lever kan aantasten. Daarom is regelmatige controle noodzakelijk.

Besmetting en preventie
Het hepatitis B-virus komt voor in bloed, sperma, voorvocht en vaginaal vocht. Hepatitis B wordt overgedragen door onveilig seksueel contact, bloedcontact of bloedproducten. Het virus kan ook rond de bevalling overgedragen worden van moeder op kind. Een kleine hoeveelheid besmet bloed in een wondje is al voldoende om een infectie te veroorzaken. Het virus kan dus niet worden overgebracht door normaal sociaal contact, zoals handen geven en knuffelen, of uit iemands kopje drinken.

Bij acute hepatitis B is behandeling met medicijnen in de meeste gevallen niet nodig. Ook bij chronisch inactieve hepatitis B-infecties is behandeling niet nodig. Patiënten met chronische actieve hepatitis B kunnen met succes behandeld worden.

Vaccinatie verplicht?
Alle mondzorgverleners (tandartsen, mondhygiënisten, MKA-chirurgen, orthodontisten, tandprothetici en alle assistenten en stagiaires binnen de mondzorg) dienen tegen hepatitis B gevaccineerd te zijn volgens het advies van de Landelijke richtlijn preventie transmissie van hepatitis B van medisch personeel naar patiënten.

Uitzonderingen op het beleid
Mocht een mondzorgverlener een hepatitis B-vaccinatie weigeren te nemen, dan gelden de volgende regels:
Volgens de WIP-richtlijn Infectiepreventie in mondzorgpraktijken geldt de algemene regel dat zorgverleners, die niet tegen hepatitis B gevaccineerd zijn, risicohandelingen mogen verrichten mits zij elke drie maanden getest worden op HBsAg waarbij het testresultaat negatief moet zijn. (Het HBsAg is het hepatitis B surface Antigen: een antigeen dat voorkomt bij mensen met hepatitis B of dragers van het virus.)

Verder moet elke 3 maanden de HBsAg-status van niet gevaccineerde zorgverleners / nonresponders gecontroleerd worden die HBc-antilichamen negatief zijn. Ook moet elke drie maanden de status van hepatitis B vastgelegd worden bij alle risicovormende zorgverleners die de hepatitus B-vaccinatie weigeren. De vaccinatiestatus van de zorgverleners dient vanaf het moment dat deze in contact met patiënten(materiaal) komt in orde te zijn. Kopieën van de vaccinatiegegevens dienen aanwezig te zijn op de plek waar de zorgverlener werkt.)

HBsAg positief
De arbodienst of GGD maakt melding bij de Commissie Iatrogene hepatitis indien een risicovormende zorgverlener HBsAg-positief is getest. De Commissie Iatrogene hepatitis bepaalt of de risicovormer mag doorwerken.  

Beoordelen en bijwerken van de Hepatitis B vaccinatiestatus van (mond)zorgmedewerkers
Vaccinatiestatus als voorwaarde bij indiensttreding Een werkgever mag een verplichte aanstellingskeuring als onderdeel van de werving- en selectieprocedure beschouwen als er specifieke en objectiveerbare functie-eisen voorhanden zijn die een voorwaarde zijn voor het veilig en naar behoren kunnen uitoefenen van de functie. Voor risicovormend personeel in de gezondheidszorg kan een geldige HBV-vaccinatiestatus of een onderzoek naar HBV als functie-eis dienen. Een weigering om zich te laten vaccineren of het niet mee willen werken aan een test op HBV kan een afkeuringsgrond vormen. De werkgever beslist uiteindelijk of niet aannemen voor de functie het gevolg is.

Bron: RIVM