Schorsing na oncollegiaal gedrag vervalt

Schorsing na oncollegiaal gedrag vervalt

In de volgende twee kwesties heeft een tandarts een klacht ingediend tegen een collega-tandarts en tegen diens echtgenote, eveneens tandarts. Klager is werkzaam in een andere praktijk op 500 meter afstand van de praktijk van het tandarts-echtpaar.

Klager verwijt de tandartsen dat zij (1) zich niet houden aan de afspraken over de opvang van spoedgevallen die met de tandartsenkring zijn gemaakt, (2) zich grievend uitlaten over een collega (klager), (3) geen medische dossiers verstrekken aan patiënten en (4) zorg van onvoldoende kwaliteit verlenen.

Het Regionaal Tuchtcollege te Zwolle heeft de klachtonderdelen 1, 2 en 3 gegrond verklaard, klachtonderdeel 4 ongegrond verklaard en de bevoegdheid van de tandarts voor de duur van een half jaar geschorst, waarvan één maand onvoorwaardelijk en vijf maanden voorwaardelijk. Ten aanzien van de echtgenote zijn dezelfde onderdelen gegrond verklaard. Het Regionaal Tuchtcollege heeft ten aanzien van de echtgenote haar bevoegdheid voor de duur van een half jaar geschorst, geheel voorwaardelijk.

Het echtpaar laat het er niet bij zitten en stelt beroep in bij het Centraal Tuchtcollege tegen de gegrond verklaarde klachtonderdelen 1, 2 en 3.

Het Centraal Tuchtcollege constateert dat de verstandhouding tussen klager en de aangeklaagde tandartsen ronduit slecht is en dat over en weer klachten worden ingediend bij verschillende instanties. Partijen hebben in de procedure over en weer onderwerpen naar voren gebracht die – zo begrijpt het Centraal Tuchtcollege – bedoeld zijn om de ander in een kwaad daglicht te stellen. Deze onderwerpen houden echter geen verband met de klachtonderdelen 1, 2 en 3 en zullen derhalve door het Centraal Tuchtcollege buiten beschouwing worden gelaten bij de beoordeling van het beroep. Het medisch tuchtrecht is niet bedoeld en ook niet geschikt om een oordeel te vellen over ernstig verstoorde verhoudingen tussen zorgverleners onderling. Dit is alleen anders als door die verstoorde verhoudingen risico’s ontstaan voor de kwaliteit van de patiëntenzorg.

Het Centraal Tuchtcollege beziet vervolgens per klachtonderdeel of klager klachtgerechtigd is en of de aangeklaagde tandartsen hiervan persoonlijk een tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt. Daarbij heeft te gelden dat klager bij het indienen van een klacht een concreet en rechtstreeks belang moet hebben dat verband houdt met de individuele gezondheidszorg.

Hoewel het Centraal Tuchtcollege wel overweegt dat bij het niet houden aan de binnen de tandartsenkring overeengekomen waarneemregeling wel de tandartsenkring direct in zijn belang wordt geraakt, geldt dat niet voor klager, als onderdeel van die kring, in persoonlijk opzicht. Niet is gebleken dat klager de klacht heeft ingediend namens de kring, of in zijn hoedanigheid van secretaris van die kring of dat dat hij daartoe door de kring is gemachtigd. Klager heeft de klacht ingediend op persoonlijke titel en heeft daar volgens het Centraal Tuchtcollege geen eigen belang maar een van de tandartsenkring afgeleid belang. Ten aanzien van klachtonderdeel 1 wordt klager als niet rechtstreeks betrokkene beschouwd en wordt hij niet ontvangen in zijn klacht.

Ten aanzien van het door het tandarts-echtpaar grievend uitlaten over klager, een collega-tandarts, wordt klager wel rechtstreeks in zijn belang geraakt. Het Centraal Tuchtcollege overweegt meer inhoudelijk dat niet is komen vast te staan dat de e-mail die de echtgenote van verweerder heeft gestuurd, ook mede namens verweerder is verstuurd. Het Centraal Tuchtcollege verklaard dit deel van de beslissing ongegrond in de zaak van verweerder.

Ten aanzien van het derde klachtonderdeel komt het Centraal Tuchtcollege eveneens tot de conclusie dat klager wel ontvankelijk is, maar dat het klachtonderdeel niet gegrond is. Niet is komen vast te staan dat verweerder (stelselmatig) heeft geweigerd om aan overgestapte patiënten hun dossiers te verstrekken of dat bij hem sprake was onwil om dit te doen. 

Het Centraal Tuchtcollege vernietigt ten aanzien van veweerder de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege (voor zover hiertegen beroep is ingesteld), verklaart klager niet‑ontvankelijk in klachtonderdeel 1, verklaart de klachtonderdelen 2 en 3 ongegrond en verstaat dat de opgelegde maatregel van (deels voorwaardelijke) schorsing van 6 maanden komt te vervallen.

Klik hier voor de eerste uitspraak

Enkel ten aanzien van het klachtonderdeel over het zich grievend uitlaten over klager, een collega-tandarts, wordt in het beroep van verweerster door het Centraal Tuchtcollege anders geoordeeld dan in de uitspraak van haar echtgenoot.

Een patiënt van klager zocht telefonisch contact met de praktijk van verweerster nu verweerster (spoed)dienst had. Patiënt is in contact gekomen met een tandartsbemiddelingsbureau in plaats van met verweerster persoonlijk. Verweerster heeft de patiënt haar excuus aangeboden en de patiënt op de klachtenregeling van de KNMT gewezen. Hierop heeft de patiënt een klacht ingediend. Verweerster heeft in een e-mail aan de KNMT haar ongenoegen geuit over haar collega-tandarts, klager in deze casus. Een kopie van deze mail, met daarin grievende uitlatingen, is naar de patiënt van klager gestuurd.

Het Centraal Tuchtcollege oordeelt dat verweerster tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld door een kopie van de e-mail aan de KNMT naar patiënt te sturen. De patiënt is onnodig deelgenoot geworden van de slechte verstandhouding tussen partijen. Daarnaast is het zich diskwalificerend uitlaten over een collega-tandarts niet in lijn met de KNMT-gedragsregels voor tandartsen (artikel 3.1). Het handelen van verweerster levert volgens het Centraal Tuchtcollege een schending van deze gedragsregels op. Dit klachtonderdeel is om die reden gegrond verklaard in de zaak van verweerster.

Het Centraal Tuchtcollege beslist dat het beroep van verweerster (enkel) ten aanzien van het klachtonderdeel over het grievend uitlaten over een collega faalt. Het College weegt mee dat tegen verweerster nog niet eerder een maatregel is opgelegd en acht de maatregel van waarschuwing passend.

Klik hier voor de uitspraak

Mr. Suzanne Steegmans is sinds 2010 advocaat bij KBS Advocaten N.V. te Utrecht en staat beroepsbeoefenaren, waaronder tandartsen, bij in procedures bij de Tuchtcolleges voor de Gezondheidszorg.